kunstenaars
Àgnes Lehóczky
auteur
Ágnes Lehóczky (Hongarije) is dichter en vertaalster, ze woont en werkt in Sheffield. Ze studeerde af als MA Engelse en Hongaarse Literatuur aan de Pazmany Peter Universiteit van Hongarije in 2001, en MA Creatief Schrijven aan de East Anglia Universiteit in 2006. Aan diezelfde universiteit behaalde ze ook een doctoraat in Critical en Creative Writing. Lehóczky publiceerde twee dichtbundels in het Hongaars, Station X (2000) en Medallion (2002). Haar eerste flinke dichtbundel, Budapest to Babel, werd uitgebracht in 2008. Ze ontving de Arthur Welton Poëzieprijs in 2009, en een jaar later de Daniil Pashkoff Prijs voor Poëzie. Ook won ze de Jane Martin Poëzieprijs van het Girton College in Cambridge in 2011.
Haar verzameling essays over de poëzie van Agnes Nemes Nagy getiteld Poetry, the Geometry of Living Substance kwam uit in 2011. Lehoczky schreef een libretto in opdracht van Writers’ Centre Norwich voor The Voice Project, een onderdeel van het Norfolk en Norwich Festival 2011. Sinds september 2010 geeft ze het vak Creatief Schrijven aan de Universiteit van Sheffield.
In het najaar van 2011 verschijnt in Kluger Hans een voorpublicatie van Lehóczky’s citybook ‘Stadsparasiet’. Onderstaande inleiding werd geschreven door deBuren bij deze voorpublicatie. ‘Stadsparasiet’ verschijnt begin 2012 in het Nederlands op deze website, maar is in het Frans en Engels eerder al te bewonderen.
Dichteres en vertaalster Ágnes Lehóczky woont sinds 2002 in Engeland maar onderhoudt warme banden met haar moederstad Boedapest. Haar eerste twee dichtbundels, Station X (Universitas, 2000) en Medallion (Universitas, 2002) schreef zij in het Hongaars. Daarna veranderde ze van land, taal en dichtgenre. Sinds 2005 schrijft zij in het Engels, hoewel ze het Hongaars niet definitief afgeschreven heeft. Vanaf de laatste gedichten uit Medallion schrijft ze louter nog prozapoëzie: Budapest to Babel (Egg Box 2008) bestaat er uitsluitend uit.
Het vloeibare van grenzen is een cruciaal gegeven in Lehóczky’s poëzie: het sensuele loopt over in het cerebrale, het intellectuele in het intuïtieve, de ene taal in de andere. Haar poëzie leest als een stream of (un?)consciousness, waarbij gedachtestromen, ruimtes en tijden in elkaar overvloeien.
Voor het Vlaams-Nederlands Huis deBuren en Germanic Studies/SOMLAL (University of Sheffield) was het evident dat zij een citybook zou schrijven. De stad als gedicht, het gedicht als stad: een collectief geconstrueerd bouwwerk, meertalig en meerduidig, opgebouwd uit stemmen van heden en verleden of, in haar eigen woorden, een heteroglosse ‘whirlwind of endless numbers of voices’. Deze wervelwind waait niet in vrije lyriek, maar in strakke prozablokken; volgens Lehóczky kan zij daarin het best de polyfone dialoog en het associatieve denken vormgeven, geïnspireerd door het latere werk van de Hongaarse Agnes Nemes Nagy (over wier poëzie zij Poetry, the Geometry of Living Substance (2011) schreef).
Lehóczky zet de Hongaarse poëtische traditie voort in een andere taal. Ze brengt haar overgeërfde literaire nalatenschap thuis in de hedendaagse anglofone wereld en de patronen van haar moedertaal beïnvloeden haar Engels. Zoals ieder gedicht een vertaling is van wat in het hoofd van de dichter vorm krijgt, waardoor plagiaat de grondvorm van elke literaire uiting is, zo zijn haar Engelstalige gedichten vertalingen van een Hongaarse moedertaaldenker. ‘Stadsparasiet’ is een uitnodiging aan de lezer om Sheffield te bezoeken ‘verdwaald door de instructies van een kakafonische kaart / met clandestiene, over elkaar geschreven richtingaanwijzingen.’
Citybooks
-
Stadsparasiet Originele titel: Parasite of Town
Stad: SheffieldLezen:





